De mens stootte niet toevallig op de kennis die nodig was om de atoombom te ontwikkelen, maar ging er doelbewust naar op zoek. De gevolgen zijn tot vandaag voelbaar in onze wereld. Snake Dance is deels een lyrisch reisverhaal, deels een historisch onderzoek, maar het is vooral een sterk persoonlijke lezing van de noodlottige beslissing van de mens om voor god te gaan spelen.
De hoofdpersonages zijn Robert Oppenheimer, de briljante idealist en vader van de bom, en Aby Warburg, een Duitse kunsthistoricus die in 1895 naar New Mexico reisde om er de Pueblo-indianen te bestuderen, die al meer dan 1000 jaar overleefden op de barre woestijngronden van Los Alamos. Tijdens zijn verblijf ontdekte Warburg de Indiaanse slangendans; het ritueel waarmee zij hun primaire angsten bedwongen en hun eigen overleven verzekerden door de kracht van de bliksem te beheersen, die de voorbode is van de regen. Vijftig jaar later koos Oppenheimer de bergen rond Los Alamos uit om er zijn kinderen groot te brengen en om er de schepping van de hel te verdringen.
De twee vertoningen van Snake Dance in het Kaaitheater worden voorafgegaan door een lecture: Jerry Killick, theatermaker en acteur bij o.m. Forced Entertainment, kruipt in de huid van Aby Warburg en brengt diens historische lezing over de religieuze symboliek van de Hopi Indianen. Manu Riche regisseert.
Snake Dance gaat in wereldpremière in het Kaaitheater, en is alvast geselecteerd voor het ‘Visions du Réel’ internationale filmfestival van Nyon (Zwitserland, 20-27 april 2012) en het Internationaal Documentaire Filmfestival Docville (Leuven, 27 april – 5 mei 2012).